Het Persoonsgebonden Budget

Persoonsgebonden budget in de Wet langdurige zorg
Wanneer een cliënt op 31 december 2014 een AWBZ-indicatie in de vorm van een zorgzwaartepakket had en zorg inkocht met het PGB, dan krijgt de cliënt in 2015 een PGB vanuit de Wlz.

Persoonsgebonden budget in de Wet maatschappelijke ondersteuning
Ook cliënten in de Wmo kunnen kiezen voor een PGB. Daarbij moet de cliënt aan de gemeente uitleggen waarom de zorg in natura niet geschikt is. Verder moet een cliënt aan de volgende voorwaarden voldoen:

  • cliënt moet het budget kunnen beheren (of iemand daarvoor machtigen);
  • de zorg moet doeltreffend zijn (bijdragen aan zelfstandigheid), cliëntgericht en veilig zijn.

De gemeente en het PGB
De gemeente kan niet zomaar een PGB weigeren. Als de cliënt (of zijn gemachtigde) het PGB kan beheren en goede en veilige zorg inkoopt, kan de gemeente het PGB niet weigeren. Soms is zelf ingekochte zorg duurder dan zorg in natura. Dat is geen reden om een PGB te weigeren. De gemeente moet minimaal het bedrag geven dat zorg in natura zou kosten toekennen. De meerkosten betaalt de cliënt dan zelf.

De gemeenten Haarlem en Zandvoort hebben besloten dat wanneer een cliënt de gevraagde ondersteuning bij een aanbieder kan krijgen die zorg in natura levert (zoals de Hartekamp Groep), de cliënt geen PGB krijgt voor die zorg. Dit betekent dat er in ieder geval vanuit de gemeenten Haarlem en Zandvoort geen nieuwe cliënten met een PGB zullen instromen bij de Hartekamp Groep. Cliënten die nu al een PGB hebben, behouden hun PGB in ieder geval tot 31 december 2015 (of wanneer de indicatie eerder verloopt tot dat moment).